6 Naamgeving Subcategory
6.1 Algemene afspraken
Het Revit systeem organiseert alle Families volgens hun respectievelijke Category. Dit heeft als voordeel dat wereldwijd met dezelfde lagenstructuur gewerkt wordt wat de uniformiteit ten goede komt. Elke Category heeft zijn eigen standaard gedragingen en grafische weergave instellingen. Deze grafische instellingen kunnen ingeregeld worden via Object Styles. Elke Category dient gemapt te worden naar de correcte IFC class via de IFC export instellingen.
Er gelden een aantal algemene afspraken wat betreft naamgeving van Subcategories:
- Hoofdletters mogen alleen worden gebruikt in de positie waarin de auteur/content provider wordt vermeld. De omschrijving op positie 2 dient te worden genoteerd in PascalCase (Revit is hoofdlettergevoelig);
- PascalCase: meerdere woorden worden zonder spaties samengesteld, elk woord (inclusief het eerste woord) begint met een hoofdletter (bijv. DraaicirkelSymbool)
- Gebruik een underscore ( _ ) als scheidingsteken tussen de posities;
- Spaties alsook leestekens zoals “+ - / *” mogen niet worden gebruikt;
- Het weglaten of leeg laten van posities is niet toegestaan.
6.2 Subcategory
6.2.1 BERSnl
Op termijn zal de BERSnl zelf een aantal Subcategories aanreiken om ervoor te zorgen dat verschillende Revit gebruikers dezelfde terminologie hanteren. Zo wordt het uitwisselen van Families en modellen eenvoudiger en efficiënter.
6.2.2 Specifieke Revit Standards Subcategory
Hiernaast dienen, voor zover deze van toepassing zijn, een aantal standaard Subcategories te worden toegevoegd voor zogenaamde Clearance Zones.
| Naam Subcategory | Omschrijving |
|---|---|
| Operation Zones | Vrije ruimte benodigd voor (dagelijks) gebruik en/of functioneren van een object (bijvoorbeeld de draairuimte van een deur in een installatieruimte) |
| Connection Zones | Vrije ruimte benodigd voor aansluiting apparatuur op gebouwinstallaties |
| Maintenance Zones | Vrije ruimte benodigd voor onderhoud van een object (bijvoorbeeld de ruimte nodig voor het verwijderen van een filter) |
| Placement Zones | Vrije ruimte benodigd voor plaatsing van een object (bijvoorbeeld de extra hoogte nodig om een buffervat rechtop te kunnen plaatsen en koppelingen met kanalen en leidingen uit te voeren) |
6.2.3 Gebruiker
Wenst de gebruiker toch een eigen Subcategory aan te maken dan dient dit te gebeuren volgens onderstaande richtlijnen:
- Probeer het aanmaken van zelfgemaakte Subcategories zoveel mogelijk te vermijden en werk bij voorkeur met de al beschikbare categorieën;
- Maak enkel Subcategories aan voor onderdelen waarbij de zichtbaarheid apart dient te kunnen worden aangestuurd;
- Vermijd het gebruik van materiaalnamen in Subcategories;
- Vermijd een te specifieke toepassing van de Subcategory, probeer een algemeen niveau te definiëren;
- Map de Subcategory steeds door naar de correcte IFC class.
Principe naamgeving Subcategory
| Positie | Beschrijving | Karakters | Voorbeeld |
|---|---|---|---|
| <pos 1> | auteur of content provider | zo kort mogelijk | XXX |
| <pos 2> | omschrijving | n.v.t. | DraaicirkelSymbool |
Bijvoorbeeld: XXX_DraaicirkelSymbool
Voor de naamgeving van Subcategories is bewust gekozen om niet met een SfB codering te werken omdat de Subcategory al gelinkt is aan een bepaald type Model Object (bijv. Doors, Roofs, Floors, ...). Het opsplitsen volgens een welbepaalde SfB codering zou ertoe leiden dat sommige Subcategories dubbel zouden moeten worden aangemaakt. Dit levert geen meerwaarde op.